De berichtgeving in de Tielt-Wingse over mijn klacht tegen burgemeester Katrien Houtmeyers bevestigt helaas precies de bezorgdheden die aan de basis lagen van mijn dossier.
Wie mijn klacht en bijkomend verzoek tot heroverweging zou lezen, merkt onmiddellijk dat mijn klacht nooit draaide rond het "verbieden" van een Facebookpagina of rond "frustratie" omdat de oppositie te weinig ruimte krijgt, zoals het artikel laat uitschijnen. Mijn vraag was veel fundamenteler: namelijk of communicatiekanalen die in de praktijk functioneren als verlengstuk van bestuurscommunicatie nog beantwoorden aan de principes van neutraliteit, evenwicht en behoorlijk bestuur.
In mijn heroverwegingsverzoek stelde ik vijf concrete punten aan de orde:
-
dat de gouverneur zich hoofdzakelijk beperkte tot een formele beoordeling;
-
dat de inhoud van de aangeleverde bewijsstukken niet werd onderzocht;
-
dat het aspect van mogelijke belangenvermenging niet inhoudelijk werd getoetst;
-
dat vooral werd gesteund op verklaringen van het bestuur zelf;
-
en dat men zich baseerde op latere interne afspraken om een bestaande situatie te beoordelen.
Op geen enkel moment wordt in het artikel inhoudelijk ingegaan op deze argumenten. Integendeel: het artikel herhaalt bijna letterlijk dezelfde redenering als de afgewezen beslissing, zonder kritische toetsing en zonder wederwoord op de kern van mijn bezwaren.
Dat is precies het probleem dat ik heb aangekaart.
Het artikel probeert de discussie bovendien te reduceren tot een persoonlijke strijd of een "stroom van klachten", terwijl het in werkelijkheid gaat over fundamentele vragen rond bestuurscultuur, neutraliteit en democratisch evenwicht. Het ridiculiseren van klachten door termen als "klachtendiarree" over te nemen zonder enige nuance of kritische context toont net aan hoe een medium kan gebruikt worden om politieke framing te versterken in plaats van objectief te informeren.
Ook inhoudelijk houdt het artikel geen steek.
Dat iets juridisch geen officieel gemeentekanaal is, betekent niet automatisch dat het geen politieke of bestuurlijke invloed heeft. Mijn klacht ging net over het feitelijke gebruik en de impact van die communicatiekanalen. Dat onderscheid wordt in het artikel volledig genegeerd.
Daarnaast wordt gesteld dat de Facebookpagina uitgaat van het college van burgemeester en schepenen "en niet van de gemeente". Dat is een bijzonder vreemde redenering, aangezien het college net het uitvoerend bestuursorgaan van de gemeente is. Voor inwoners maakt dat onderscheid in de praktijk nauwelijks verschil wanneer communicatie gebeurt vanuit bestuurders die handelen in hun publieke functie.
Ook de verwijzing naar de "autonomie van de hoofdredacteur" beantwoordt mijn bezwaar niet. Mijn punt was niet of een hoofdredacteur formeel onafhankelijk is, maar wel of er in de praktijk sprake is van systematische positieve framing van het bestuur en negatieve profilering van oppositie zonder evenwicht of wederwoord. Dat inhoudelijke aspect blijft opnieuw volledig onbeantwoord.
Wat vooral opvalt, is dat het artikel nergens de essentie van mijn heroverwegingsverzoek bespreekt maar zich voornamelijk richt op het creëren van een beeld van een oppositie die "weer verloren heeft". Daarmee bewijst het artikel ironisch genoeg opnieuw waarom onafhankelijke en evenwichtige communicatie zo belangrijk is binnen een lokale democratie.
Wat in de berichtgeving bovendien ook niet wordt vermeld, is dat er ná mijn klacht die op 21 februari 2026 verstuurd werd, expliciet nieuwe communicatieafspraken werden ingevoerd binnen het gemeentebestuur. In zijn brief verwijst de gouverneur zelf naar een afsprakennota van maart 2026 waarin plots formeel wordt vastgelegd dat de betrokken Facebookpagina een "partijpolitiek communicatiemiddel" is en geen officiële spreekbuis van het lokaal bestuur. Ook wordt daarin opgenomen dat communicatie pas mag gebeuren nadat beslissingen officieel zijn goedgekeurd en dat de bevoegde diensten in de eerste plaats met de burger moeten communiceren.
Dat zulke verduidelijkingen en afspraken pas na mijn klacht formeel moesten worden vastgelegd, toont net aan dat de problematiek reëel was en dat er blijkbaar nood was aan bijkomende afbakening tussen bestuurscommunicatie en partijpolitieke communicatie.
Als voorzitter van Wij Tielt-Winge sta ik bovendien volledig achter onze gemeenteraadsleden, die hun mandaat ernstig opnemen en op een constructieve manier kritische vragen blijven stellen in het belang van onze inwoners. Democratische controle is geen aanval maar een essentieel onderdeel van behoorlijk bestuur.
Net daarom betreur ik het dat men voortdurend spreekt over "transparantie", terwijl fundamentele vragen over communicatie, neutraliteit en de verhouding tussen bestuur en mediakanalen systematisch worden weggewuifd of geridiculiseerd in plaats van inhoudelijk beantwoord. Echte transparantie betekent niet alleen communiceren maar ook openstaan voor kritische toetsing en een eerlijk debat.